Het oorlogsmonument

Op 11 november 1918 eindigde de Eerste Wereldoorlog.
Onder impuls van de Nationale Bond der Oud-strijders werden op 31 augustus 1919 de “Vredefeesten” georganiseerd.


Bij die gelegenheid werden twee marmeren herdenkingsplaten  ingehuldigd. Daarop staan de namen van 14 gesneuvelde soldaten en 5 burgerslachtoffers. Ze werden in 1919 gemaakt door Gerard Breemersch, wiens atelier zich in Roeselare bevond. 
De eerste plaat bevindt zich in het portaal van de kerk, de tweede in het vroegere gemeentehuis.


Ingaande op een verzoek van de regering besliste men tijdens de gemeenteraadszitting van 26 september 1922 om een oorlogsmonument op te richten. Zowel de namen van de ondertussen 17 gekende omgekomen soldaten als van de 5 burgerslachtoffers moesten erop vermeld worden.
Op de gemeenteraad van 25 februari 1923 werd daarvoor de firma Rombaux-Roland aangewezen. Deze firma had al heel wat monumenten geplaatst, alle kunstig versierd met mooi beeldhouwwerk. 
Het monument werd vervaardigd uit blauwe hardsteen en is afkomstig uit de steengroeve van Ecaussinnes. Het bestaat uit 18 delen en weegt rond de 4,5 ton, gebeeldhouwde dame inbegrepen. Volgens de Heemkundige Vereniging “De Gonde” uit Melle werd de schrijvende dame gebeeldhouwd door Jules Vits, een beeldhouwer uit Melle. Hij maakte heel wat kunstwerken in opdracht van Rombaux-Roland. Deze werken werden in onderaanneming uitgevoerd en zijn niet gesigneerd.

Het prijskaartje voor het imposante kunstwerk was navenant: 17.202 Belgische frank. Hiervoor werd bij het “Krediet van België” een lening aangegaan die in zeven jaar werd afbetaald. 

Het monument werd einde mei 1923 geplaatst en op 10 juni ingehuldigd. 
Dit ging met grote plechtigheden gepaard. Naast heel wat inwoners waren ook het voltallige gemeentebestuur, hogere legerofficieren, leden van verschillende oud-strijdersbonden en een afgevaardigde van de koning aanwezig



Bij deze gelegenheid werd ook een herinneringsmedaille uitgegeven. 


In de loop van 1945 werden de namen van de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog erbij gebeiteld: 1 gesneuvelde soldaat en 7 burgerslachtoffers. 


Op de gedenkzuil staan ook de namen van twee omgekomen verzetsvrouwen:

- Uit de Eerste Wereldoorlog: 
Mevrouw Edgard Van Heddegem-Matthys (meisjesnaam: Rosalia Celina Matthys). 
Ze was bij het overbrengen van berichten naar Nederland ter hoogte van “De Rode Sluis” te Moerbeke aan den draad blijven hangen (geëlektrocuteerd). 
Aan de grens met Nederland was een draadafsluiting die onder hoogspanning stond. Elektriciteit was bij het gewone volk nog onbekend en men begreep niet dat het gewoon aanraken van die draad de onmiddellijke dood betekende.
Rosalie was hiervan wel op de hoogte en ze wist ook dat rubber geen stroomgeleider is, daarom deed ze een rubberen pak aan om door den draad te kruipen. Maar die nacht was het aan het regenen en dat water wel een goede elektriciteitsgeleider is was haar onbekend.  

Rosalie bracht niet alleen brieven van Schellebelse soldaten over, maar ook heel wat informatie over het treinverkeer aan het station van Schellebelle. Ze woonde er immers in de omgeving.
Schellebelle was een belangrijk spoorwegknooppunt in de aanvoerroutes naar het Duitse front. 
Hier kwamen de twee bevoorradingsroutes uit het Ruhrgebied samen. Die uit het noorden via Antwerpen en Dendermonde, die uit het zuiden via Brussel en Aalst. 
De andere spoorweglijnen bestonden toen nog niet.   
Haar inlichtingen werden bezorgd aan een lid van de Britse inlichtingendienst die haar in Nederland stond op te wachten.

- Uit de Tweede Wereldoorlog: 
Crombeen Margeriete. Ze was vanaf 01 juli 1943 lid van het Belgisch Partizanenleger en verantwoordelijke voor de verbindingsopdrachten. Ze organiseerde een koerierdienst voor het transport van plannen, wapens en springstoffen in de regio Wetteren-Gent. Wegens de onbevreesde gedrevenheid waarmee ze hierbij te werk ging werd ze door de plaatselijke verzetsleden Bientses maaneken genoemd.

Een paar dagen voor de bevrijding werd ze als verzetsstrijdster gevangengenomen en in het concentratiekamp van Ravensbrück omgebracht.


Als eerbetoon werd de straat aan het sportpark “De Cirkel” naar haar genoemd. 

In 1993 werd het monument gerenoveerd en de omgeving heraangelegd. Hierbij verdween de afbakening die toen bestond uit een ketting die door hardstenen paaltjes gedragen werd. 
Bij de restauratie van 2014 werd de afperking naar de oorspronkelijke toestand van 1923 hersteld.

Het standbeeld werd op 4 november 2002 als monument beschermd.


Deel deze informatie: